Afgelopen februari kocht ik, echt net voordat corona uitbrak, een boot. Een zeilboot. Ik weet niets van een boot. Niets. Laat staan van een zeilboot. Afgezien dat het drijft. Op water. Maar het was en is mijn droom om te leven als een godin in Frankrijk op een uurtje rijden van Rotterdam. Om iedere dag de zeelucht te ruiken en een meeuw te horen krijsen. Momenteel heb ik geen eigen huis. Ik heb er twee jaar geleden voor gekozen om mijn huurhuis op te zeggen omdat ik de geluidsoverlast niet meer trok en het het heel slecht ging met mijn moeder. Naast ondernemen, is mantelzorger een hele mooie dierbare rol, maar het vraagt ook heel wat. Een huis kopen lukt mij nog niet als ondernemer. Dan moet je ‘drie heeeeellllleeee goede jaren’ gedraaid hebben om überhaupt in aanmerking te komen voor een huis. Het afgelopen jaar was zeker zo’n jaar. Dit jaar leek er ook zo uit te zien. Om maar niet te spreken over mijn kansen voor volgend jaar. En daar kwam een ieniemiekleine dondersteen om de hoek geschoven: corona. Dus een boot was de snelste weg om nu al mijn droom te leven. En mijn neef wilde de boot verkopen, dus 1+1 = 3. Alleen door corona, kreeg ik nog net de sleutel in mijn handen ‘gegooid’ en verder moest ik het alleen uitzoeken. Tegelijkertijd ging natuurlijk alle voorzieningen op slot. Wat de laatste maanden voor meerdere hilarische Bridget Jones momenten heeft gezorgd, waar ik alleen al een boek over zou kunnen schrijven. Vraag me niet waarom, maar leven op Schouwen-Duiveland geeft mij het ultieme gevoel van thuiskomen, ontspanning, fijn en simpel leven, rijkdom en vrijheid en mijn ‘blije’ boot biedt mij de kans om .Â

#myhappylife

Daarnaast heb ik een grote introvert in mij die heel graag wil opladen in rust en stilte gecombineerd met een lekker klodder ADD & HSP. Eerlijk, ik ben gewoon een ‘huismus’ en burgertut die houdt van het eenvoudige eilandleven. Gewoon. Omdat een eiland heel overzichtelijk en behapbaar is. Dus. Ik ben met ‘pensioen’ en het is hoog tijd om te stoppen met mezelf te plagen en te stoppen met wat doen wat mijn fikkie blust. En te gaan genieten van het eenvoudige, simpele, goede en kwalitatieve leven. Ik had zo’n diepe diepe behoefte aan rust. Stilte. Natuur. De eerste persoon die aan mij vroeg of ik kon zeilen, keek ik aan alsof ik water zag branden. Eerlijk. Je had mijn snapshot van mijn snoet achter dat gezegde in de Dikke Van Dale kunnen plakken. Zo ziet het eruit wanneer iemand water ziet branden. Het was nooit in mij opgekomen om überhaupt met dat ding te gaan varen. Ik heb niet eens de ruimte in mijn systeem om dat te leren. Ik wilde gewoon heel instagrammable met een mok koffie op mijn achterdek vleien, mijn pootjes omhoog gooien en de hashtag #myhappylife gebruiken. Want mijn eerste doel was om gewoon weer eens te kunnen concentreren en een heel boek te kunnen lezen na zoveel jaar. Ik begon met een paar heerlijk foute Bouquetreeks romannetjes. Het volgende boek was het laatste boek van Marc de Hond. De hele serie van De Zeven Zussen ligt nog te wachten, maar mijn eerste doel was wel behaald. Whahahaha. Lang leven #myhappylife.

Iedere dag een meeuw horen schreeuwen

Eerlijk. Ik droomde gewoon van een impulsarm leven. De zeelucht ruiken en iedere dag een meeuw horen schreeuwen. Wat ook rijkelijk gelukt is deze lente en zomer. Want rond mijn boot is het een schouwspel van natuur. Tante Nel was de eerste die mij welkom heette. Waarom Tante Nel? Vroeger had ik een tante Nel. Ze was getrouwd met de broer van mijn oma: Ome Wim. Ik was een klein meisje en tante Nel en Ome Wim rookten Van Nelle Shag. Zij hadden net als wij een huisje op het nieuwe kamp in Hoek van Holland en ze deelde van die lekkere roze/gele spekkies uit. Feest als kind dus. Maar als Tante Nel boos op Ome Wim was, dan zei ze met het allerplatste Rotterdamse accent: “Wim, wanneer ik dood ga, dan kom ik terug als een meeuw en dan schijt ik boven op je kop.” Sindsdien is een meeuw in de familie dus: Tante Nel. Maar in de haven hebben we ook ‘Harry met z’n slechte haardag’. Harry, die heeft namelijk chronisch een ‘coupe troep’. Want boven op zijn kop staan zijn veertjes als eens stekelkoppie recht omhoog. Stiekem vermoed ik dat Harry nog een jonge kerel is die zijn wilde ‘veertjes’ nog niet is kwijtgeraakt, maar wel al uit het nest is geschopt. En op zoek is naar ‘een lekker chickie’ die heb zijn volgende maaltijd makkelijk kan verschaffen.Â

Old McDonald had a farm

Naast Tante Nel en ‘Harry met z’n slechte haardag’, hebben we ook ‘de meiden’. De meiden zijn een groep vrouwtjes eenden. Soms met z’n tweetjes. Maar soms komen ze ook heel koddig met een stuk of twintig langs mijn boot gedreven. Het leuke is, dat ze me ‘s ochtends komen (k)wekken. Ze weten waarschijnlijk inmiddels dat ik de enige ben in de haven die ochtendmens is. Dus vaak rond een uurtje of 05:30 komen ze rond mijn bootje drijven en kwekken ze er flink op los. Dat maakt dat ik met de allergrootste glimlach op mijn gezicht wakker word. Ik zet een heerlijk nostalgische bak Douwe Egberts pruttelkoffie. En met mijn handen om mijn mok dampende koffie, kruip ik dan mijn achterdek op om even de dag door te nemen en bij te kwekken met ‘de meiden’. Maar daar houdt de beestenbende nog niet op. Het is een hele rare gewaarwording wanneer je op je laptop in je kajuit aan het werk bent en je ineens een enorm enthousiast ‘beeeehhhh’ hoort. Ik denk wel eens dat je een heel koddige serie van foto’s van mijn hoofd kunt maken. Mijn ADD-hersens maken echt een krak en het duurt meestal wel even voordat ik begrijp wat er aan de hand is. Dan blijkt dat er een hele kudde schapen is los gelaten om het gras ‘te maaien’ op de wal aan de kade. Keer op keer is er een schaap wat helemaal los gaat met het geblaat. Hilarisch. Want het klinkt als een enorm zeikwijf.

I have a dream

Inmiddels heel wat jaartjes geleden, verhuisde een vriendin van Rotterdam naar Zierikzee. Zo’n geweldig leuk oud huis in de binnenstad. De eerste keer dat ik naar haar toe ging, was met Oud&Nieuw. Het moment dat ik het eiland (lees: Schouwen Duiveland) opreed, gebeurde er wat. Ik kwam in een enorme ontspanning. Zo erg, dat mijn licht om 21.00 uur ‘s avonds compleet uitging. Ik in slaap viel op de bank en net voor middernacht werd ik door haar wakker gemaakt. Ik ben de eerste vier jaar van mijn leven opgegroeid in een klein durp: Nieuw-Lekkerland. Toen ik vier jaar was moesten we naar Rotterdam Zevenkamp verhuizen, omdat mijn zusje Daniëlle taaislijmziekte had en we dichter bij het ziekenhuis moesten gaan wonen. Mijn moeder zegt vaak genoeg: we waren heel gelukkig in Nieuw-Lekkerland. En ik weet wat voor blije baby ik was. Dus eerlijk….ik ben helemaal geen grote stads. Ik ben gewoon een dorpsmeid. Lekker kneuterig. Ik hou er van.

De bourgondische stier komt volledig aan haar trekken.

De afgelopen maanden kon ik rijden en fietsen over landweggetjes en niemand tegenkomen. Kilometers lange stroken met alle kleuren veldbloemen. In de ochtend een duif horen ‘roekoe’ doet je toch ultiem denken aan Frankrijk. Verse bourgondische goddelijkheden halen bij lokale ambachtelijke boeren die je door hun producten meenemen op een reis door het ritme van de natuur. Van Landwinkel De Zoete Kers in Renesse tot de Man Die Bak ambachtelijk bakt in Zierikzee tot de meest goddelijke ‘water uit je bakkes druipende’ verse Zeeuws spek van Vleesboerderij Boot. Op dit hele eiland is het een droom voor een bourgondische stier als ik. Verse aardappels, uien, spruitjes, zeekraal, lamsoor. Maar ook kersen, de meest zoete aardbeien en de meest goddelijke pruimen rechtstreeks van het land.

Eerlijk, ik heb al meer dan 40 jaar een behoorlijk aantal fikse tikken van het leven gehad en ik heb keer op keer noodgedwongen weer opnieuw moeten beginnen. Ik heb alle ‘uitdagingen’ echt dapper doorstaan, maar ik ga eerlijk zijn. De afgelopen jaren hebben ook een behoorlijke wissel op mij getrokken. Het lijkt wel of mijn banksaldo met wilskracht leeg is. Eerlijk gezegd, vind ik dat een zegening. En ik ook geen enkele intentie meer heb om dat potje aan te vullen.

Thuiskomen op Schouwen-Duiveland

Het is tijd om een nieuw hoofdstuk te beginnen. Het is tijd om thuis te komen. Een frisse start. Dus bovenaan mijn lijstje van 50 dingen die ik wil doen, meemaken of leren voor mijn 50e (ik ben net 45 jaar geworden) is, thuiskomen in mijn heerlijk eigen koop(t)huis. Ja misschien wel op Schouwen-Duiveland. Misschien wel ergens anders. Een heerlijk thuis. Waarin ik ‘s ochtends wakker wordt met de grootste grijns op mijn gezicht, in het heerlijkste bed met de allerleukste vent naast me. Mijn vent. Ik droom van vloerbedekking in mijn slaapkamer, omdat je dan ‘s ochtends zo heerlijk zacht uit bed komt. Ik droom van een huis dat ruikt naar verse filterkoffie en pas gebakken brood. En een lekkere dikke zaterdagkrant aan mijn keukentafel lezen.

Ik droom van zelf jam maken. Eten uit mijn eigen tuin. En koken voor mijn lieve vrienden en aanwaaikids. En samen mooie gesprekken hebben, bulderen van het lachen en met elkaar urenlang bourgondisch genieten aan mijn eigen heerlijke keukentafel. Ik droom van schrijven. En mensen meenemen in mijn avonturen en belevenissen alsof ze achter op mijn bagagedrager zitten. Ik droom niet van groter, groter en meer. Ik droom van een langzamer leven. Van genieten van de eenvoud, ambacht en kwaliteit. En ook al lijkt alles nu onzeker. En is het kopen van een huis nu nog ver weg. Je weet nooit hoe een koe een haas vangt. Dus ik droom en ik begin alvast. Met vandaag een beetje meer te leven, zoals ik graag wil leven. Vandaag besluit ik gewoon, dit is een frisse start. #startfresh